www.javanenvansuriname.info

HOME SECONDHOME NIEUWS BASA JAWA BAHASA INDONESIA MULTIMEDIA WEBMASTER SITEMAP
 

 

BanyuMili Is Mijn Verhaal...
Een eerbetoon aan de Javaanse contractarbeiders in Suriname

kodhok = kikvors

 

  WAYANG...
WAYANGVOORSTELLING EN SEMAR

Theater Hoofdpagina
Dans Taal der bewegingen
Jaran képang Rituele dans
Ludrug Volkstoneel met zang, dans en humor
Tayub Danspartij met dansvrouwen
Wayang Het Javaanse schimmenspel
Wayang Wayangvormen en repertoire
Wayang Opstelling poppen bij voorstelling
Wayang Wayangvoorstelling en Semar
Wayang Gebruikte termen bij wayangspel

 

 

 

 

 

 

Kort onderzoek tijdens studie aan Rijksuniversiteit Leiden
 
 

Bakkie, zo heet mijn geboortedorp, waar ik tot mijn twaalfde heb gewoond. Het ligt ongeveer 35 kilometer noordoostelijk van Paramaribo, Suriname. Het was een typisch Javaanse gemeenschap, waarin de mensen rukun (vrede en vriendschap) en volgens het gotong-royong (met vereende krachten) principe met elkaar samenleven. Bij geboortes of huwelijksfeesten bijvoorbeeld was het hele dorp één grote familie en was iedereen in de weer om deze belangrijke momenten in het leven zo vlekkeloos en zo gezellig mogelijk te laten verlopen. Het kwam niet zelden voor dat bij dergelijke gelegenheden een wayang voorstelling werd opgevoerd. Hierbij werd een passende lakon (dit is het verloop van het verhaal) gekozen.

l

Gamelanorkest

Bij een wayangvoorstelling is een gamelanorkest van essentieel belang. Het verzorgt niet alleen de muzikale omlijsting, maar draagt ook het gehele verhaal. Bij hoogtepunten in de opvoering hoort men dat aan bijvoorbeeld het ritme van de muziek. Op Baki leidde mijn wijlen vader zo'n gamelanorkest. Het was een familiegroep; ooms en neven zaten er in. Zo had ik bij zo'n wayangvoorstelling, waarbij mijn wijlen vader voor de muziek zorgde, een vaste plek en wel vlak naast hem. Hij bespeelde de kendhang, een tweevellige trom.

De voorstelling 's avonds

De wayangvoorstelling werden meestal 's avonds opgevoerd; het begon om negen uur en duurde tot de volgende morgen zes uur. In de vooravond vond ik alles heel saai en lag ik meestal te slapen op de klasa (mat, gemaakt van zacht soort rietgras) naast mijn wijlen vader. Tegen middernacht maakte hij me wakker, want dan verschenen Semar en zijn drie zonen ten tonele. Ik vond ze heel grappig, maar meer ook niet, want ik begreep eigenlijk niet waarover het ging. Ik snapte het af en toe wel en als de andere toeschouwers lachten, dan lachte ik ook mee. Semar was een soort idool voor mij, hij maakte mij altijd blij.

In de loop der jaren begon ik Semar beter kennen en wist ik op een gegeven moment precies waarom ik lachte. Maar de serieuze momenten, waarin goede adviezen werden gegeven, hadden mij bijzondere aandacht. Door mijn vertrek naar de grote stad, Paramaribo, heb ik Semar eigenlijk in de steek gelaten, op Baki. Nu in Nederland, ver weg van Baki en heel wat jaren later, kom ik mijn jeugdvriend opnieuw tegen. Ik wil hem nu nog meer leren kennen. Temeer, omdat ook andere mensen hem bijzonder bewonderen, met name de voormalige president van Indonesië, Soeharto. "Ten tijde van de massazuiveringen na de mislukte Untung-coup in 1965 kreeg Soeharto alle bevoegdheden die nodig waren om orde te herstellen en het functioneren van de regering mogelijk te maken. Soekarno gaf  toe aan de druk en tekende een brief van die strekking die bekend werd als Supersemar (Surat Perintah Sebelas Maret: de Instructie van Elf Maart), een verwijzing naar de door Soeharto bewonderde wayang held Semar.

Wie is die Semar eigenlijk die ons, Javanen, zo boeit?

De wayangvoorstelling. Zoals in de inleiding is gekenschetst nemen wayangvoorstellingen een belangrijke plaats in binnen de Javaanse samenleving. Voorstellingen zijn dus van wezenlijk belang in het leven van de Javanen. Ze worden opgevoerd bij cruciale momenten in het leven, zoals geboortes, besnijdenissen en huwelijken. Voorstellingen worden ook gegeven aan het begin en het einde van het landbouwseizoen of bij alle andere gebeurtenissen die als zeer belangrijk kunnen worden aangemerkt. De inhoud van het verhaal komt meestal overeen met de werkelijke gebeurtenis van dat moment. De afloop ervan heeft ook een speciale betekenis:"moge het degene ten behoeve van wie dit verhaal wordt gepresenteerd, zo vergaan als het de held van het hier in het mythische verleden geprojecteerd verhaal is vergaan.

De verhalen (de lakons) die gebruikt worden bij zo'n wayangvoorstelling zijn gebundeld in de pakems; dit zijn handboeken voor de dhalangs, de bespeler van de wayangpoppen. De verhalen zijn ontleend aan de wereldepen Ramayana en Mahabharata. De dhalang is in feite de hoofdrolspeler bij een wayangvoorstelling. Hij brengt de poppen tot leven. Om deze rol goed te kunnen vervullen moet hij voldoen aan bepaalde voorwaarden. Zo moet hij de kennis hebben van het wayangrepertoire, de Javaanse adat (gewoonte) en de gamelanmuziek. Een diepgaande mystieke kennis wordt bij de scholing bijgebracht. De dhalang moet tevens in staat zijn de verschillende personages die de poppen vertegenwoordigen een eigen stem te geven. Kortom, de dhalang moet een soort priester, een dirigent, zanger, toneelspeler en regisseur zijn om een wayangvoorstelling te mogen opvoeren en deze tot een goed einde te brengen.

De wayangvoorstelling, die 's avonds van negen uur tot de volgende morgen zes uur wordt opgevoerd, kent drie bedrijven: a. het eerste bedrijf duurt van negen uur tot middernacht; b. het tweede bedrijf is vanaf middernacht tot drie uur 's ochtends en c. het derde bedrijf van drie uur 's ochtends tot zes uur in de morgen. In het eerste bedrijf wordt het verhaal waar de opvoering over gaat door de dhalang uiteengezet en worden de belangrijkste poppen beurtelings aan de toeschouwers voorgesteld. Het belangrijkste is het tweede bedrijf. Tegen middernacht is het voor de toeschouwers duidelijk welke partij het goede vertegenwoordigt en welke partij het slechte. Een belangrijk moment in dit bedrijf is de opkomst van Semar en zijn twee zonen, te weten: Nalagarèng, Pétruk en soms ook Bagong, zijn derde zoon. Platvloerse grappen, die deze figuren uithalen, brengen de toeschouwers uitbundig aan het lachen. Een vorst, die in de problemen zit, krijgt van Semar de nodige adviezen. De eigenlijke ontknoping van het verhaal gebeurt in het derde bedrijf. Alle problemen worden opgelost; de goede partij wint de laatste grote strijd en de verliezers, de slechterikken dus, gaan verslagen en met gebogen hoofden van het toneel af.

De toeschouwers zijn moe, maar gaan tevreden naar huis. En... misschien ook nog nagenietend van de grappen van Semar of nadenkend over de meegegeven wijsheden van deze dienaar en raadgever.

Semar en de lijfdienaren

Net zoals het feit dat wayangvoorstellingen binnen de Javaanse samenleving van zeer essentieel belang zijn, zijn de aanwezigheid en de rol van de lijfdienaren (de panakawans) onlosmakelijk verbonden met het wayangspel. Het beeld van Semar zou niet compleet zijn zonder zijn zonen en de andere panakawans te kennen.

Het wayangspel kent zes lijfdienaren. Vier van hen vertegenwoordigen de goede en twee de slechte partij. Ze komen voor in alle lakons en vormen de laagste regionen van maatschappelijke groeperingen. Zij geven het beeld van het gewone volk; hun uiterlijk en kleding verraden dit.

Nalagarèng.de eerste zoon van Semar, is een behoorlijk eigenwijs ventje; hij praat ook moeilijk. Boven op het hoofd heeft hij een haarlokje. Hij heeft een groot rollend oog en een dikke neus. Zijn armen zijn gebogen en eindigen in misvormde handen. Door zijn horrelvoet loopt hij mank.

Pétruk is de tweede zoon van Semar, een snuggere bonestaak met een dik buikje. Hij is behoorlijk goed van de tongriem gesneden. Ook hij heeft een haarlokje. Zijn ronde oog loopt spitsig toe en zijn neus is lang. De vormen van zijn handen zijn gelijk aan die van Semar. Vroeger kwam Bagong slechts in combinatie met Semar bij wayangvoorstellingen in bepaalde streken op Java voor. Tegenwoordig beschouwt men hem als de derde zoon van Semar. Bagong zou volgens oude opvattingen uit de schaduw van Semar zijn geboren. Vandaar dat zij veel op elkaar lijken.Verder heeft Bagong een klein inspringend neusje, een dikke uitstekende onderlip en een groot oog. Op het achterhoofd heeft hij een forse toef krulhaar. Hij is brutaal van karakter en met zijn domme opmerkingen valt hij anderen vaak in de rede.

Van de tegenpartij, de slechterikken, is Togog de oudste. Hij heeft een dik onderlijf en een geprononceerde borst. Zijn gezicht is schuin naar boven gericht. Hij heeft een groot oog met kleine pupil, langgerekte lippen en een tandenloze mond. het haar eindigt met een opwaartse krul in de nek. In de gordel draagt hij een kapmes. Hij heeft verschillende bazen. Hij treedt vaak op als wegbereider van het ongeregelde leger van demonenfiguren. Zijn compagnon is Sarahita, een kleine dikkerd. Srahita gedraagt zich onwennig, omdat hij afkomstig is uit het onbeschaafde achterland dat buiten Java ligt. 

De lijfdienaren van de slechte partij, Togog en Sarahita, zijn meestal rosse-rood, respectievelijk blauwgrijs. De panakawans van de goede partij zijn zwart van kleur; het gezicht wit of goudkleurig. Uit de kleur van hun gelaat kan men dus afleiden welke panakawans de slechte en welke de goede partij vertegenwoordigen.

Semar heeft in het wayangspel een positieve rol.

Semar en zijn rol

Over de afkomst van de panakawans bestaan veel theorieën. De clowneske figuren hebben niet bestaan in de wereldepen Ramayana en Mahabharata. Uit het feit dat deze figuren toch binnen de context van het wayangspel hun belangrijkheid bewijzen, zou men kunnen afleiden, dat hun bestaan reeds een functie had ver voordat de twee wereldepen hun bekendheid kregen op Java. Ander theorieën beweren dat Semar voor een deel was ontstaan onder invloed van de vidüsaka, de nar in het klassieke drama uit India. Maar er is wel een belangrijk verschil tussen de Indiase nar en de Javaanse panakawan. Semar en zijn zonen zouden reeds in vroegere tijden op Java hebben opgetreden in een primitief schimmenspel.

Semar is de wijze vader met een vreselijke dikke, gedrongen figuur met uitstulpende buik en achterwerk. Zijn borst is wat geprononceerd, die zou duiden op zijn hemafrodiete karakter. Hij heeft een wit kuifje en een platgeslagen druipneus. Bij de voorste hand steekt de wijsvinger uit en de achterhand is tot een vuist gebald. Voor de figuur Semar worden er voor elke wayangset vier poppen gemaakt. Dit komt, omdat Semar aan verschillende gemoedsstemmingen onderhevig is.

Semar is zeer oud en bedaard en is zelfs zo machtig dat de goden in de hemel bang worden, als hij zijn superioriteit wil laten blijken. Volgens Javaanse tradities is hij van goddelijke afstamming, een incarnatie in "menselijke" vorm. Zijn mysterieuze figuur met een duidelijk zichtbare sacrale uitstraling dwingt respect af. Semar gaat nooit in de fout en is daadkrachtig in zijn optreden. In sommige lakons durft hij het zelfs aan zijn beklag te doen bij de goden. Hij bekleedt een intermediaire functie tussen mensen en goden. Semar is dienaar en raadgever van de vorsten. Met zijn spitse humor en wijsheid is hij oer-Javaans.

De afkomst van Semar is weliswaar niet erg duidelijk, maar zijn bijzondere eigenschappen maken hem tot een ware held, een geliefd en gerespecteerd figuur in het wayangspel. De ene keer kan hij zich meten met de goden en de andere keer is hij een trouwe, dienstwillige dienaar. Zijn grappen en wijsheden hebben niet alleen een vermaakfunctie, maar bezitten een achterliggende gedachtegang van didactisch en moraliserend karakter.

 

 
DIASPORA  SURINAME  IMMIGRATIE  TAAL  CULTUUR  THEATER  MUZIEK  LITERATUUR  ARCHIEF
HOME  SECONDHOME  NIEUWS   BASA JAWA   BAHASA INDONESIA   MULTIMEIDA  WEBMASTER   SITEMAP